De Beachrun op vijfvingerschoenen

Hoe gaat zoiets? Je bent nog aan het afkicken van een leuke trailrun en zwerft wat rond op internet. Je komt een Beachrun tegen op vrijdag 13 juli om kwart voor acht ’s avonds en denkt: hé, dat kon wel eens leuk worden. En je schrijft je in voor twee rondjes van vijf kilometer door de duinen en over het strand van Kijkduin. Eigenlijk het hardloopgedeelte van de Fortress Beach Challenge, de triatlon die de dag daarna wordt gehouden. En niet zomaar een triatlon, maar het toneel van het EK Cross Triathlon. 

Op de ochtend van vrijdag 13 juli regent het. Tja, wanneer regent het eigenlijk niet deze zomer? Ik vraag me even af of het wel de moeite waard is om minstens een uur in het spitsuur in de auto te zitten om een beetje door de duinen te rennen. Maar ’s middags klaart het op en ik heb er eigenlijk best zin in. Ik besluit een extra uitdaging voor mezelf in te bouwen door mijn Vibram vijfvingerschoenen aan te trekken. Sinds een jaar of twee doe ik aan ChiRunning, een meer ontspannen manier van hardlopen waarbij je bij voorkeur op schoenen loopt met minder demping. Als je er meer van wilt weten: ik heb er een artikel over geschreven, dat je hier kunt lezen. In die twee jaar ben ik van antipronatieschoenen met veel demping afgedaald naar bijna niets. Weliswaar loop ik meestal op wedstrijdschoenen met nog wel enige demping en hoogteverschil tussen voor en achter, maar steeds vaker train ik – bij voorkeur op onverhard terrein – op de Vibrams, oftewel de VFF’s (Vibram FiveFingers), zoals de kenners zeggen. Die hebben helemaal geen demping en hoogteverschil en sluiten als een soort handschoenen om je voeten. Voetschoenen dus eigenlijk. Hoewel ik niet heb kunnen achterhalen hoe het parcours van de Beachrun er qua ondergrond precies uitziet, besluit ik het erop te wagen. En wat helemaal mooi is: de klittenbandsluiting van de VFF’s is precies smal genoeg om door de chip voor de tijdregistratie geregen te worden.

Het Deltaplein in Kijkduin is al helemaal ingericht voor de triatlon van de dag erna, met vlaggen en grote tenten. Er lopen ook allemaal atletisch ogende buitenlands sprekende types in wielrenachtige kleding rond. Maar ook het gewone hardloopvolk is present en staat in de rij om het startnummer op te halen. Het waait hard, maar het is droog en af en toe schijnt de zon zelfs. De start is op het strand, vandaar gaat het omhoog de boulevard op en dan meteen naar links over een pad de duinen in. Op dat pad liggen pas de startmatten. De hele verdere loop blijf ik me afvragen wat dit betekent voor de tijdregistratie. Zou de officiële tijd nou ingaan bij het startschot of pas als we over de matten lopen? Intussen loop ik de strandopgang op. Dat is even aanpoten, maar verder gaat het lekker. Meestal over schelpenpaden, soms dwars door de duinen over het zand en toch ook nog wel een aardig stukje over een verhard fietspad. Dat is best te doen, al hebben smalle duinpaadjes mijn voorkeur. ‘Hé, blotevoetenschoenen!’ hoor ik een meisje achter me zeggen. Ik zwaai even bevestigend. Er ontspint zich een gesprek tussen de loopster en haar vriendin. ‘Niet op je hakken landen’, vang ik op. ‘Je schijnt er lang aan te moeten wennen, looptechniek is belangrijk.’ Ik luister stilzwijgend maar instemmend toe. Na ruim drie kilometer komen we op het strand. Dat gaat echt lekker op mijn voetschoenen. De op het strand aanwezige fotograaf is er ook helemaal weg van. Het resultaat zie je hiernaast. Je ziet ook dat het best hard werken is tegen de straffe wind in. Maar als ik het zeggen mag, het gaat mij beter af dan de ploeterende meneer achter mij.

Na ruim vier kilometer komen we weer onder de startboog door. Hoe we straks de tien kilometer gaan volmaken is mij niet geheel duidelijk. Het tweede rondje gaat iets sneller dan het eerste, waarschijnlijk doordat er nu minder filevorming is aan het begin. Ik vind het erg lekker gaan, en ik geniet van de omgeving. Er zitten een paar steile stukken in, maar die verhalen over een loodzwaar parcours zijn een beetje overdreven. Een eindje voor de finish loop ik opnieuw langs de lens van de fotograaf.  Na ruim achtenhalve kilometer is daar weer de startboog, die echter niet de finishboog is. Daarvoor moeten we nog een derde keer  door het mulle zand naar de boulevard klimmen, dan onder een rode Run2Day-boog door, en dan weet ik het even niet meer. Vriendelijke omstanders wijzen me naar links, waar zich een opvallend blauw finishgebied voor mijn ogen ontrolt. Mijn Garmin staat bij de finish op 58.07, bij een afstand van 8,96 kilometer. Ik ben benieuwd welke tijd er in de uitslagen komt te staan. Dat blijkt achteraf 58.17 te zijn, dus blijkbaar is de teller gaan lopen vanaf het startschot, en duurde het tien seconden voordat ik onder de startboog doorgelopen was. Maar hoe je het ook wendt of keert, de afstand was geen tien kilometer. Terwijl het parcours toch geschikt moet zijn voor een EK, of luistert dat niet zo nauw bij een triatlon? Nou ja, dat is mijn zorg ook niet. Ik heb lekker gelopen, en nadat ik nog maar weer een gesprekje heb gevoerd over mijn  bijzondere schoenen, is het tijd om op huis aan te gaan. Op naar een volgende uitdaging…

 

Deze tekst kun je ook lezen op Dutch Road Runners.

2 reacties

  1. Goed bezig, je hebt de smaak lekker te pakken! Maar eh, moet ik het parcours van de tartan6uurse nu aanpassen door de ‘verspring zandbak’ in de route op te nemen….

    1. Haha, ja, dat zou misschien leuk zijn voor de afwisseling! Ik weet trouwens nog niet op welke schoenen ik dan ga lopen.

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: