«

»

‘Iedereen is dankbaar dat hij zijn tasje terugkrijgt’. John en Joke Schouten, vrijwilligers bij de Dam tot Damloop

De Dam tot Damloop eindigt ergens anders dan waar hij begint. Voor veel mensen is dat juist de lol ervan. Het brengt wel de nodige logistieke problemen met zich mee. Je overtollige kleding arriveert namelijk niet vanzelf uit Amsterdam in Zaandam. Je fiets evenmin. Met de kleren weten John en Joke Schouten wel raad. Al twintig jaar zijn zij als vrijwilligers betrokken bij het kledingvervoer. “Maar fietsen nemen we echt niet mee.”

“We komen altijd vlak voor de Dam tot Damloop terug van vakantie en dan denken we: ha, zondag mogen we weer.” John (52) en Joke (50) Schouten uit Purmerend behoren tot de oudgedienden onder de vrijwilligers bij de Dam tot Damloop. Vanaf 1989 (of was het toch 1990?) houden ze zich bezig met de inname, het vervoer en de uitgifte van de tassen met kleding van de lopers. “We hebben altijd de kleding gedaan, nooit iets anders. Het is leuk werk, gezellig, hectisch, en iedereen is dankbaar dat hij zijn tasje terugkrijgt. Je ziet iemand aankomen met een bepaald startnummer, en dan sta je al klaar met het goede tasje. Dat vinden ze geweldig!”

Trimloopcommissie

John en Joke waren al zo’n tien jaar lid van Le Champion voordat ze met hun vrijwilligerswerk begonnen. “We deden mee aan de avondfietstochten van Le Champion en zijn toen lid geworden. Later gingen we mee met fietsreizen: Indonesië, Amsterdam-Istanbul, klassiekers. ’s Winters deden we trimlopen, John ook een paar maal Egmond.”

Tijdens zo’n trimloop in Purmerend werd Joke benaderd door Ruud van der Velde (de huidige voorzitter van Le Champion en toen ook al actief). “Hij vroeg: heb je geen zin om te helpen?” Zo kwam Joke in de Trimloopcommissie, en later ook John. Als lid van die commissie hebben ze meegeholpen bij alle trimlopen, de Midwinterduinloop, Egmond. En niet te vergeten het Trimloopboekje, de huidige Dutch Runners Guide.

Via de Trimloopcommissie kwamen ze ook terecht bij de Dam tot Damloop. “Het is wel jammer dat we hem daardoor zelf nooit hebben kunnen lopen.” Inmiddels zijn ze allebei gestopt met lopen – te veel blessures. John fietst nog wel steeds fanatiek, Joke minder. Bij het fietsen doen ze af en toe ook vrijwilligerswerk. “Maar niet zo vaak. Daar ligt het accent op meedoen. Het is té belangrijk.” Dat vormde overigens wel de aanleiding voor hun inzet bij loopactiviteiten: “Voor ons waren altijd vrijwilligers in de weer, we vonden het belangrijk om wat terug te doen.”

Noord-Zuidlijn

Helpen bij het kledingvervoer betekent een dag lang hard werken, vertellen John en Joke: “We komen ’s morgens vroeg aan in Zaandam, daar zetten we de kledingvakken op, waar iedereen na afloop zijn kleren kan ophalen. Dan gaan we naar Amsterdam, waar de vrachtauto’s klaarstaan. De opstelling van de vrachtwagens is eigenlijk het enige dat van jaar tot jaar kan veranderen. Door de bouw van de Noord-Zuidlijn weet je nooit precies wat je kunt verwachten.” Maar het inladen van de karren met kledingtassen is routine geworden. John helpt met het laden van auto naar auto en heeft de leiding over de laatste vrachtwagen, Joke gaat over de een na laatste. “Bij de ene auto kan het er hectisch aan toegaan, terwijl het bij de andere gesmeerd loopt. De deelnemers merken er niets van als het een chaos is, uiteindelijk komt alles op zijn pootjes terecht. Er blijft bijna geen kleding achter.” De volgeladen auto’s rijden naar Zaandam. “De chauffeurs van de vrachtwagens zijn ook vrijwilligers. Daar hebben we altijd leuk contact mee.”

Stress

In Zaandam staat een grote groep vrijwilligers klaar om de karren met tassen uit de auto’s te halen en de tassen te sorteren op startnummer. Onder hen veel leden van Scouting (vanaf zestien jaar), en studenten van CIOS (Centraal Instituut Opleiding Sportleiders). Ook zijn er leden van sportverenigingen die in ruil voor hun hulp een bedrag in de kas gestort krijgen. En daarnaast ‘gewone’ vrijwilligers, veel leden van Le Champion, maar ook mensen die gereageerd hebben op een advertentie in de krant. In totaal werken er ongeveer tweehonderd mensen bij de kledinginname. “De samenwerking loopt meestal perfect. De mensen van Scouting en CIOS werken snel en professioneel.” Voor gewone vrijwilligers is het soms even wennen: “Sommigen schieten meteen in de stress, die zijn na één keer genezen en komen nooit meer terug, veel anderen vinden het leuk en blijven het jaren doen.” John en Joke hebben weinig last van stress: “Je moet er luchtig mee omgaan. Als er geen zakken meer in de karren passen, zet je ze gewoon in een reservekar, dan sorteer je later wat meer.”

Samsonitekoffer

Met de lopers hebben John en Joke nauwelijks negatieve ervaringen. “Heel af en toe worden ze agressief omdat ze te lang moeten wachten. Mensen starten soms in een eerder startvak. Dan kan het zijn dat hun tasje er nog niet is als zij klaar zijn. Als ze dan gaan zeuren, zeggen we: waarom kom je zelf niet even meehelpen?” Niet iedereen doet zijn kleding in het verplichte plastic tasje: “Soms komt er iemand met een Samsonitekoffer”, zegt John. “Die neem je dan maar in. Sommigen komen helemaal uit Maastricht, dan kun je misschien ook niet verwachten dat ze al hun spullen in een plastic tasje stoppen.” Maar een enkele keer gaat het echt te ver, lacht Joke: “In Amsterdam kwam een vrouw aangefietst, een heel apart type. Ze vroeg of haar fiets ook mee kon naar Zaandam. Maar ja, dat ging niet. Je kunt trouwens na afloop gewoon met de pendelbus terug naar Amsterdam.”

John en Joke hebben het evenement zien veranderen. “We begonnen met zes of zeven vrachtwagens, inmiddels zijn het er 21! Toch is de sfeer hetzelfde gebleven, ook onder de vrijwilligers. We zijn dan ook nog lang niet van plan ermee te stoppen.”

Bent u enthousiast geraakt door het verhaal van John en Joke? Dat komt goed uit, want dit jaar kent de Dam tot Damloop twee edities, zaterdagavond en zondag. Dat betekent dat er extra veel vrijwilligers nodig zijn. Voor de kledinginname en -uitgifte, maar ook voor andere taken, zoals assistentie in het start- en finishgebied, het regelen van het verkeer, het bemensen van de drankposten etc. Op www.damloop kunt u er alles over lezen en vindt u ook een aanmeldingsformulier.

Gepubliceerd in Le Champion juni 2009; ook opgenomen in Cees Lansbergen en Martin Gerritsen, 25 jaar Dam tot Damloop. Inmerc, Utrecht/Antwerpen 2009, p. 94

Geef een reactie